The day after….

Hey allemaal

Hieronder een kort verslagje van de laatste trip met als doel zeebaars, geep, tong en toonhaai.

De voorgaande week.
Maandag gingen we nog eens vissen. Al heel de week, zoals voor elke vistrip trouwens, volg ik de verschillende sites met de windverwachting af. Ik raadpleeg hiervoor een goede site met een verzameling van de verschillende weersites, http://users.skynet.be/kdbprojects/waterweer/. Zoals gewoonlijk is de verwachting elke dag anders, maar naarmate de week vordert begint er een duidelijk beeld naar voren te komen. De verwachting voor maandag is oostenwind, in de namiddag toenemend en draaiend naar het noordoosten. Geen weertje om al te ver weg te gaan, zeker met de onweersmogelijkheid die ze ook afgeven. Het zal een dagje dichtbij de Oosterscheldekering worden.

De voorbereiding.
Nadat we zeker zijn dat het weerbericht goed zit, gaan we de visdag plannen. Hiervoor gebruik ik een getijboekje, de stroomatlas en de verschillende vangsten die in de voorgaande dagen gedaan zijn. Het is HW rond 9 uur ’s ochtends, daarna zien we in de stroomatlas waar we in ons visgebied een gunstige stroming zullen hebben en de keuze is snel gemaakt. Er zou wat zeebaars moeten rondzwemmen die volop tegen de bodem aan het azen is en twee weken geleden werden de eerste toonhaaitjes in het Steendiep gevangen. Tevens lopen de tongvangsten  goed op. De eerste uurtjes gaan we aan de ketting het einde van de vloedstroom vissen ankerend op diep water. Hier vissen we op tong, schar, …. en hopelijk wat haaitjes. Als de stroming eruit valt zullen we snel draaien door de wind en gaan we ankeren tegen de plaat op een meter of 5. Hier is het doel zeebaars en misschien een hengeltje op de geep.
Als allerlaatst kijk ik nog eens naar de windverwachting die het KNMI geeft op http://www.knmi.nl/waarschuwingen_en_verwachtingen/maritiem/marifoon.html . En we zijn weg.

De visdag zelf.
Na het succes van Wim op zondag, zijn we extra enthousiast om te gaan vissen en rond half zeven staan we dan ook aan de deur te trappelen bij Dixhoorn voor onze zagers. Verder hebben we als aas wat inktvisstripjes en hele inktvissen bij. Voor de zalm hebben we een stukje zalmstrip. Een uurtje later varen we de haven al uit en ankeren op onze eerste stek, op 25 m diepte. De stroming zit er nog goed in en werpen onze onderlijnen goed uptide. De onderlijnen zijn verzwaard, stalen afhouders en met een redelijke haak, maatje 2. We krijgen redelijk snel beet en de eerste scharren komen de boot al in. Vooral de bakboordkant is de betere. door de wind worden we een beetje die kant opgeduwd, zodat je hier pal tegen de stroming in werpt. Rond 10 uur zwakt de stroming af en is onze ijdele hoop op een tong of toonhaai al flink geslonken. We konden alleen maar schar vangen, maar geen nood, we hadden nog een plan B, zeebaars!
Tijdens de kentering even naar het Caisson gevaren en daar wat driftjes over gemaakt, maar hier kregen we geen enkele beet. Alhoewel we toch veel vissignaal op de dieptemeter zagen.
Dan maar de hengelopzet omschakelen en in één streep naar de zeebaarsstek. De stroming zet nog maar net door en de geephengel, die als eerste in lag, stond al dubbel. De eerste geep was al een feit. Dit gaat goed zeiden we nog. Maar  niets was minder waar. We vingen hier niets meer bij, geen geep, geen zeebaars, alleen wat scharren en een ondermaatse schol, die de grote haken 2/0 mooi binnen krijgen.
Zou de oostenwind er voor iets tussen zitten? Of was het misschien het feit dat we een dag doodtij zaten? Feit is wel dat het beduidend slechter was als de dag tevoren.
Na twee uren afwachten beslissen we om een extra keer te verkassen, we leggen ons tegen de plaat op stek 3 op de Hompels en vissen hier tot het einde van de vloed. Weer geen teken van leven echter, zelfs geen platvissen meer.
Stilletjes aan een beetje moedeloos geworden, verkassen we nog een keer en leggen ons op stek 4 tegen de ketting op 26 meter diepte en beslissen om de scharrenlijnen terug aan de hengels te hangen. Die vangen we dan ook weer terug. De verrassing van de dag echter komt iets later boven, een mooie kreeft voor Sven. De eerste keer dat ik die hier aan de ketting zie vangen, normaal zijn het de noordzeekrabben die hier ons aas belagen. Een beetje later vangen we dan ook nog een krab en missen er nog enkele onderweg naar boven. Er zaten enorm veel zeesterren op deze stek en eens die op je aas zitten, vang je geen vis meer. Naar het schijnt laten de zeesterren een bepaald soort stof achter op je aas, die de vis afschrikt.
Eindconclusie, ondanks alle goede voorbereidingen, is het toch niet gelukt om de baarzen aan de schubben te komen. Het blijft een wispelturige en onvoorspelbare vis, hetgeen de jacht achter onze gestekelde vriend zo mooi maakt. Daarom heet vissen dan ook vissen, en niet vangen!

Hieronder enkele foto’s van de visdag.

Stek 1
enkel de schar konden we bekoren op stek 1

Een van de bekende ‘gele tonnetjes’
stek3
de bodem rond de Caisson, hier in de slijpgeul

een stripje inktvis om de scharren van het aas te houden.

Deze schol had geen probleem met de haak 2/0

stek 4
Verrassing van de dag

Zo hebben we er zeker een stuk of vijf gemist

Enorm veel zeesterren stortten zich op het aas.

Vang ze
Nico


Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd op de blog van De Kleine Bootvisser en met toestemming geplaatst op hengelsportnieuws.nl.