Penvissen met zoete aardappel

Ik had het niet zo gepland, maar tijdens het avondeten kwam het idee. De aardappel, een favoriet karperaas. En dan met name voor het boilietijdperk. Maar hoe zit dat met de zoete aardappel? Wordt hier wel eens mee gevist? Terwijl ik deze mierzoete knol naar binnen werk besluit ik het te gaan proberen. Deze avond ga ik lekker pennen met overgebleven kliekjes zoete aardappel.

Een uurtje later sta ik aan een prachtige sloot midden in de weilanden. Hier zwemt van alles rond. Ook karper. Geen enorme buffels, maar daar ben ik ook niet naar op zoek. In eerste instantie vis ik met de zoete aardappel rechtstreeks op de haak. Ik krijg vrijwel meteen aanbeten van witvis. Een goed teken! Door hen wordt de zoete aardappel in ieder geval gewaardeerd! Een nadeel van de zoete aardappel is dat het na bereiding erg zacht is en telkens (geholpen door de witvis) van de haak valt. Ik besluit met een hair te gaan vissen.

Ik fleur een brokje zoete aardappel, m.b.v een naald bedoeld voor het splicen van leadcore, aan een hair. Deze naalden zijn dunner dan de bekende boilienaalden. De zoet aardappel is bereid in de oven en heeft daardoor een korstje. De lus van de hair gaat door het korstje en zo blijft het aas redelijk zitten. Ik leg opnieuw in en zie aan het heftig stuiterende pennetje dat de witvis weer actief is. Na een paar minuten haal ik op en zie ik tot mijn genoegen dat de zoete aardappel aan de hair blijft zitten. Ik leg weer in en kijk opnieuw naar het stuiterende pennetje. Dit zal een minuut geduurd hebben. Ineens schiet de pen schuin onder. In een reflex sla ik aan! Raak! Karper! Dus niet alleen de witvis, maar ook de karper kan de zoete aardappel waarderen. Yes! Een mooi exemplaar zorgt voor een leuke strijd die ik gelukkig win. We gaan even samen op de foto. Vervolgens mag de verliezer snel weer terug. Ik heb nog een half uurtje vistijd over. Misschien kan ik er nog een vangen!

Een stukje verderop probeer ik hetzelfde trucje opnieuw. Weer de stuiterende pen. De zoete aardappel heeft een behoorlijke aantrekkingskracht op familie witvis. Misschien niet meer dan maïs of iets dergelijks. Toch is het leuk om weer eens met iets nieuws te experimenteren. Mijn vistijd zit er bijna op. Er lijkt geen karper meer actief te zijn. Of toch? Vlak voordat ik wil vertrekken krijg ik een fatsoenlijke aanbeet. Ik sla aan op… een brasem?  een zeelt misschien? of een joekel van een ruisvoorn? Nee, ik kan de vis zien. Het is toch een karper! Misschien zelfs wel mijn PR! En dat in deze sloot! De karper vecht als een malle. Enorm sterk! Zeker voor het formaat. Een nieuw PR dartelt door de sloot en landt uiteindelijk in mijn net. Ik vang mijn kleinste penviskarper ooit! Nu snel naar huis. Morgen eten we weer zoete aardappel…

 


Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd op de blog van Koen Verweij.