Op mijn gemak – deel 5

Ik sta bij mijn stek. Het water golft. Brasems
waarschijnlijk. Ik trek een blik maïs open en strooi de korrels tussen de
steeds groter wordende plompen. Terwijl de zon achter de nog kale bomen
onderduikt, loop ik vanaf mijn voerplekje door het veld  terug richting auto. Ik voel me rustig. Deze
plek heeft iets magisch. Menselijke geluiden zijn verdreven door de dierlijke.
Laat de op hol geslagen mensenwereld maar even achter je.  Dit is wat ze me vertelt. Ik luister
gehoorzaam…


Bij mij thuis doet familie merel het goed. De jongen
zijn inmiddels uitgekomen. Moeder natuur is mooi, maar deze jongen zijn vooral
lief… hééél erg lief!

Ondanks dat het lelijke schepseltjes zijn zorgen moeder en vader goed
voor ze en wordt er af en aan gevlogen met snavels vol voedsel. Het nest zit
niet hoog en mijn kinderen volgen het proces dan ook op de voet. Leuk!

Terug naar het vissen. Uit de inleiding kun je opmaken dat
ik het erg naar mijn zin heb op mijn stek. Mijn dagelijkse rustmomentje vind ik
daar, maar om daar nu allemaal zweverige verslagen over te gaan schrijven…  nee, ik ‘vermoei’ je liever met een
vangstverslag. Weet je nog? Het vorige verslag? Mijn oude vertrouwde zeeltstek?
De stek waar ik de vorige keer die prachtige zeelt ving? Opnieuw heb ik er
gevist en met succes!
Deze keer had ik ook mijn penhengel opgetuigd met  een Guru X-Safe pellet feeder. Net als de
vorige keer viste ik met een scopex miniboilie op de hair. De hengel  lag nog maar een paar minuten op de
beetmelderopstelling… ik was bezig met het in orde maken van mijn
wincklepicker. Een piep… een kleine terugzakker… in de linkerhand mijn
wincklepicker… mijn rechterhand vlak boven het kurk van de penhengel! De hanger
knalt tegen de blank en een monotone piep volgt. Een run om u tegen te zeggen
brengt me in verwarring. Mijn reflexen nemen de zaak over en even later hang ik
in de hengel. Ik besef dat dit geen zeelt kan zijn!

Op het lichte materiaal dril ik een sterke vis. Het moet een
karper zijn, maar die had ik hier helemaal niet verwacht! Ooit bevatte dit
water een mager karperbestand, maar wel een bestand met daarbij een aantal
giganten. Een van deze giganten heb ik mogen vangen. Het was in de tijd dat ik
alleen de lengte belangrijk vond. Mijn gigant, een zwaargebouwde schub, ging
over de meter. Naar het gewicht kan ik alleen nog maar gissen…
Deze oude populatie is niet meer. Tenminste, dit is mij ter ore gekomen. Iets
met vervuiling of zo…
Maar goed, ik was aan het drillen. De vis vecht met kracht in de bovenste
waterlagen, anders dan een zeelt zou doen. Een gigant is het niet, maar toch
moet ik mijn trukendoos opengooien om ervoor te zorgen dat de vis niet in een
plompenveld duikt. Op het lichte materiaal zou dit het einde van het verhaal
betekenen. Door de punt van de hengel diep in het water te steken kantel ik de
vis en win ik terrein. Even later kan ik scheppen. Een kleine karper, maar wel
een waar ik heel blij mee ben! Zou er een nieuwe uitzetting hebben
plaatsgevonden? Of zou het oude bestand zich hebben voortgeplant? Niet
waarschijnlijk, maar een leuke gedachte! Of nog leuker… misschien is
onderstaande karper wel de dochter of zoon van mijn in vroegere tijden gevangen
gigant! Ik houd het op dit laatste… het meest onwaarschijnlijke, maar ook het
meeste leuke…

 


Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd op de blog van Koen Verweij.