Kiezen of klonen

Bevind jij je ook wel eens in deze situatie? Druk, druk,
druk! En dan heb ik het niet over werk… nééééjjj, tuurlijk niet! Ik heb het dan
over vissen. Zoveel mooie stekken, zoveel ideeën, maar je kan maar
op één plek tegelijk zijn. Van tevoren maak je een weloverwogen
beslissing.  Je gaat naar de stek waarvan
je denkt dat je er op dat moment moet zijn (als dit geen goedlopende zin is…).
Maar als je er dan bent, en het wil niet, dan ga je piekeren over de andere
stekken. Misschien had ik toch beter… bla, bla, bla… Als je niet nuchter genoeg
bent kun je jezelf onzeker denken. Het overkwam mij bijna…

Na de vorige blank aan het kanaal (zie Hoppen aan het kanaal – deel 3) heb ik twee keer bij de sloot
gevist en één keer bij het water van het project de lange adem.  Op allebei de wateren was ik niet succesvol.
Met andere woorden… ik heb gewoon lopen blanken!  Het kanaal is een onbekend water voor mij en
het water van de lange adem is altijd moeilijk, maar de sloot! Ook daar vang ik
op het moment niets! Hoe kan dat? Een antwoord hierop krijg ik misschien nooit,
maar ik heb inmiddels iets meer duidelijkheid. Gelukkig maar, want ik had
mezelf bijna onzeker gedacht! Om dit te voorkomen heb ik niet een theoretisch
kloppend verhaaltje verzonnen,  maar heb
ik duidelijkheid in de praktijk gezocht. Vanaf 21 mei heb ik namelijk een voerplek
bij de sloot. Iedere dag ga ik kijken en voer ik geweekt en gekookt duivenvoer
aangevuld met (gebroken) boilies. Dit doe ik met mijn waadpak aan. Heel
nauwkeurig op een klein oppervlak leg ik een bedje duivenvoer neer. Daarbovenop
leg ik de (gebroken) boilies. De watertemperatuur is er op het moment zo’n 12 a
13 Graden Celsius. Een temperatuur waarbij een karper niet optimaal voedsel
verteert, maar stil staat de spijsvertering niet!  Ik had dus ook verwacht dat er wel van het
voer gegeten zou gaan worden, maar het tegendeel is waar. Er wordt niet of
nauwelijks gegeten en ik weet door observatie dat de karpers wel bij mijn stek
rondhangen.
Zou deze visser ook geblankt hebben?
Zou de weersomslag de vissen van slag hebben gemaakt? Zouden ze
daarom niet of nauwelijks eten? Of hebben ze een andere voedselbron gevonden? Die
vragen kan ik niet met zekerheid beantwoorden. Het enige dat ik zeker weet is
dat er bij de sloot op het moment niet of nauwelijks van mijn voer gegeten
wordt, en ik ze daar op dit moment dus ook niet op zal vangen.  En aan deze duidelijkheid heb ik iets! Het
verklaart het blanken bij de sloot en misschien ook wel de blank bij het kanaal
en bij het water van de lange adem. Het onderzoekje neigt absoluut niet naar
wetenschap. Daarvoor zijn er veel te veel factoren waar ik geen invloed op heb,
maar iedere dag is het weer spannend als ik het water in waad en met mijn hand de
voerplek betast (i.v.m. het troebele water kan ik het voer namelijk niet zien).
Ik ben heel benieuwd wat er gaat gebeuren nu de temperaturen weer gaan stijgen.
Het kan maar zo zijn dat het voer binnenkort wel iedere dag netjes opgevreten
wordt. Als het zover is maak ik een bewuste keuze om bij de sloot te vissen.
Vang ik dan niets, dan ligt het puur en alleen aan mijn vissen en niet aan een
eventuele verkeerde stekkeuze. Het mag duidelijk zijn: ik kies voor kiezen
i.p.v. klonen.  Er is maar één vissende
en daarover bloggende Koen Verweij op de wereld. Ik ben uniek! Dat klinkt best
arrogant zo zwart op wit, maar wie is er eigenlijk niet uniek! Niks bijzonders
dus…


Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd op de blog van Koen Verweij.