Het plan – karpervissen 2013

De maand maart heb ik besteed aan het opruimen van mijn
schuur, het in orde maken van de tuin en het zoeken naar nieuwe visgronden. Wat
zou ik graag gedetailleerd ingaan op mijn gevonden stekken. Er is zoveel over
te vertellen, maar als ik dat doe weet iedereen waar ik bezig ben en dat wil ik
niet!

Beversporen…







                   Toch kan ik wel iets over de stekken vertellen. Je krijgt
een indruk van waar ik vis, waarom ik daar vis 
en hoe ik er zal gaan vissen. Ik vind het leuk om dit aan jullie te
vertellen en het volgen van mijn verslagen wordt op deze manier ook leuker.
Want tja, ik zou alleen kunnen gaan schrijven over rigjes, flitsende aanbeten,
keiharde drils en een heleboel ponden karpervlees, maar dan zou ik een heel
stuk van mijn visbeleving overslaan. Ik vertel juist graag over de ‘kleine’
dingen die het vissen zo groot maken. De geur van vers gemaaid gras, een langs
vliegende ijsvogel, het in het voorjaar nog niet dichtgegroeide bladerdek en de
zonnestraal die er doorheen priemt… dat soort dingen. Vissen hoeft niet stoer
te zijn, zelfs niet als je met drie hengels op een rodpod vist…

Ik ga mij de komende tijd op drie wateren richten. De
verslagen over deze drie verschillende typen wateren zullen de volgende titels
dragen: De lange adem, Hoppen aan het kanaal en De sloot.
De lange adem: Dit is het water waar ik al een serie mooie
karpers wist te vangen, maar waar ik nog lang niet uitgevist ben. In verhouding
tot de oppervlakte zit er weinig karper. Mijn tactiek is op papier simpel.
Voeren, voeren, voeren… heel veel voeren en af en toe vissen. In vergelijking
met mijn andere gevonden stekken is deze stek qua natuur niet zo mooi. Ik zal
er dan ook vooral in het donker vissen…
Hoppen aan het kanaal: Over dit water ben ik het meest
enthousiast op dit moment. Het is een lang kanaal dat in verbinding staat met
een ontelbare hoeveelheid hectares water. In theorie kan ik karpers vangen uit
meerdere provincies en is de route vanuit Duitsland ook niet afgesloten. Of
karpers werkelijk zulke afstanden afleggen is de vraag, maar het idee dat het
kan is leuk. In ieder geval is het niet een kanaal waar je vissen vangt met een
naam. Het woord kanaal moet je overigens heel ruim opvatten. Op bepaalde
trajecten is het inderdaad rechttoe rechtaan, maar op andere delen lijkt het
kanaal meer op een rivier. Er zijn ook stukken bij waar het water smal is en
het meer lijkt op een uit de kluiten gewassen sloot.  De omgeving is er adembenemend mooi. In de
maand maart heb ik hier heel wat dagdelen rondgebanjerd. Het stikt er van de reeën,
roofvogels en zelfs bevers zijn hier te vinden. De sporen heb ik al gezien. En
nu de grote vraag… zitten er ook karpers? Ja, die zitten er! Maar meer kan ik
er ook niet over vertellen. Ik weet niks over gewichten en aantallen. En juist
dit is wat ik zo leuk vind. Hoppend, van stek naar stek, zal ik het hele kanaal
afspeuren naar karpers. Dat ik er af en toe gericht op zeelt zal gaan vissen is
ook niet uitgesloten.

Een stukje van het kanaal…


De sloot: Op vijf maart plaatste ik er al een berichtje
over. Het was één van de weinige warmere dagen van de afgelopen maand en ik
ving, na uitgebreid vooronderzoek, zomaar een dikke karper op de pen! Was dit
beginnersgeluk of heb ik echt de gouden sloot gevonden? Ook deze sloot is qua
omgeving mooi. Ik zal er veel gaan penvissen, maar voor het statisch vissen
valt ook wat te zeggen. Stil zittend, een bosje dat rugdekking biedt en de wind
in de neus… zo zal ik ook daar heel veel wild kunnen zien.

 

Naast bovengenoemde drie projecten bestaat er ook nog zoiets
als sociaal zijn. Niet iedere karpervisser kent dit woord. Ik ken het wel, maar
ben het niet altijd moet ik eerlijk zeggen. Ik heb veel moeite gedaan voor het
vinden van bovenstaande viswateren. Bij hoge uitzondering neem ik iemand mee en
die moet ik dan ook voor de volle 100% kunnen vertrouwen. Dit betekent niet dat
ik niet met anderen ga vissen. Zeker wel, maar dan meestal ergens anders en wie
weet wat dat gaat opleveren!

Tijdens het zoeken naar stekken heb
ik veel moois gezien…




Tot slot: Het plan voelt goed. Ik ga ervoor. Maar het blijft
een plan. Zoals zo vaak bij het vissen heb je niet alles in eigen hand. Ik
blijf daarom flexibel. Het plan aanpassen of zelfs afwijken van het plan
behoort tot de mogelijkheden. Maar goed, voorlopig staat het plan als een huis
en kan ik niets anders dan mij eraan houden. Ik heb er zin in. Het avontuur
lonkt…


Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd op de blog van Koen Verweij.